Conquest

Auteur: onbekend
Uitgegeven door EG Spiele, 1994
Een veroveringsspel voor 4 tot 6 strategen vanaf 14 jaar.

Inhoud

Doel van het spel

De speler die als eerste 20 gebieden bezit heeft gewonnen.

Het speelbord

Het speelbord is in 36 land en 8 zeegebieden verdeeld. De landgebieden worden met een in het zwart geschreven naam van een grote stad gekenmerkt, beiden worden door een gele lijn afgebakend. De zeegebieden worden met een in het zwart gescheven naam benoemd en door een zwarte stippellijn begrensd.

Spelvoorbereiding

Hoe te spelen?

Het spel verloopt in ronden die ieder zelf uit meerdere fazen bestaat. Na iedere fase volgt de volgende. Op het einde van de laatste fase van een ronde begint een nieuwe fase van de volgende ronde.

Volgorde van de fazen:

  1. Het regelen van het spelverloop
  2. Verdelen van de kaarten
  3. Produktiefase
  4. Uitvoeringsfase

A. HET REGELEN VAN HET SPELVERLOOP

De kaarten worden geschud. Men trekt een kaart en dit zolang totdat men een kleur van ÈÈn van de spelers heeft. Deze speler is in de volgende 3 fazen als eerste aan beurt. De andere spelers volgen in wijzerzin. De getrokken kaart wordt terug onder de stapel gelegd.

B. VERDELEN VAN DE KAARTEN

Men neemt de kaarten en verdeelt ze volgens de volgende regels. In het begin van elke ronde moet het aantal kaarten dat elke speler heeft in verhouding zijn met het aantal gebieden dat hij bezit (1 kaart voor 3 gebieden).
Heeft een speler meer kaarten dan hem werkelijk toebehoren, dan moet hij de overtollige kaarten terugleggen. Iedere speler kan, vooraleer hij die kaarten ontvangt, ÈÈn van zijn reeds in bezit zijnde kaarten terugleggen. Deze laatste 2 mogelijkheden kan men enkel na afloop van de eerste ronde uitvoeren.

C. PRODUCTIEFASE

Tijdens de produktiefase bouwt de speler die aan beurt is een nieuwe strijdmacht uit en plaatst die op het speelbord. Men bouwt zijn stijdmacht uit op basis van het aantal produktiepunten (PP) die men ter beschikking heeft.
Voor elk gebied dat een speler bezit heeft hij 1 PP ter beschikking.
De produktiekosten van de strijdkrachten zijn de volgende:

Vb.

Een speler die 9 gebieden bezit beschikt over 9PP. Hij kan daarvoor 2 land, 1 zee en 1 luchtmachttroep uitbouwen.
De speler die aan beurt is kan zijn luchtmacht en landmachttroepen op om het even welk van zijn gebieden plaatsen. Zijn zeemachttroep kan hij enkel op zeegebieden plaatsen die direkt aan ÈÈn van zijn gebieden grenzen.

Gedurende deze fase van het spel kunnen de spelers de kaarten "Balistische raketten", "Superproduktie" en "Spaceschild" gebruiken.(zie overzichtstabel)

D. UITVOERINGSFASE

Nadat alle spelers hun eigen produktiefase hebben uitgevoerd, gaan ze bij de volgende beurt over tot de uitvoeringsfase.
Deze bestaat uit:

  1. verplaatsing
  2. strijd

D-1 Verplaatsing

Opmerking: om een beter inzicht te hebben gelieve ook het vb. op de overzichtstabel te raadplegen.

De speler die aan beurt is kan zijn strijdkrachten met aandacht voor de volgende spelregels over het speelbord verplaatsen.

Verplaatsing over land:
Iedere landmachttroep kan van een eigen standplaats naar een aangrenzend (bevriend of vijandelijk) gebied verplaatst worden.
Verplaatsing in de lucht:
Iedere luchtmachttroep kan van het gebied waar het zich bevindt over een aangrenzend land of zeegebied en indien de speler het wenst van daaruit naar een verder (bevriend of vijandelijk) aangrenzend gebied verplaatst worden. Een luchtmachttroep kan niet op een zeegebied eindigen.
Verplaatsing over zeeÎn:
Ieder zeevaarttroep kan van zijn standplaats naar een ander aangrenzend zeegebied verplaatst worden.
Verplaatsing over land en zee:
Een speler kan zonder beperking eigen landmachttroepen van ÈÈn of meerdere gebieden die grenzen aan een door hem bezet zeegebied met behulp van zijn eigen zeevaarttroepen naar een ander (bevriend of vijandelijk) gebied verplaatsen als dit ook aan hetzelfde zeegebied grenst.
De zeemachttroep, die voor de verplaatsing over water en land gebruikt werd, kan niet meer verplaatst worden.

Opgepast: het speelbord stelt de aardbol voor. De rechter zeegebieden (Noord en Zuidpacifiek ) grenzen aan het Amerikaans continent op de linkerzijde van het speelbord. Hou er rekening mee bij de verplaatsing van de strijdkrachten.

Vb. een luchtmachttroep die in Japan gestationeerd staat kan onmiddellijk naar CaliforniÎ vliegen.

D-2 Strijd

Nadat de speler die aan beurt is alle eigen verplaatsingen uitgevoerd heeft moet hij in alle vijandelijke gebieden, waar hij met zijn eigen land of luchtmachttroepen binnengedrongen is, strijd leveren. De strijd verloopt als volgt:

Wanneer alle spelers hun uitvoeringfase beÎindigd hebben, gaat het spel met de volgende ronde verder, waarbij men opnieuw met het regelen van het spelverloop begint.

Einde van het spel

Het spel eindigt op het ogenblik dat ÈÈn van de spelers 20 gebieden bezet.

Tips


PANTSER MK 666 "HELL"

De Pantser MK 666 "Hell" is een standaard militair voertuig. Deze rupsbanden aangedreven metalen reus is in de ware zin van het woord elke hindernis de baas.
Binnenin is er plaats voor een volledige gemotoriseerde devisie. Die hebben als taak om tijdens de gevechten de vijandelijke stellingen in te nemen. De MK 666 zorgt daarbij voor een ondersteunend spervuur van de eigen troepen. Het talrijke geschut stelt hem in staat om zowel doelen op het land als in de lucht te treffen. De MK 666 is daarenboven uitgerust met een Plasmakanon één van de weinige wapens die een metalenpantser van een vijandelijke tank kunnen doorboren. Niettegenstaande de aanwezigheid van hoog technologische snufjes, is het nog niet mogelijk dit voertuig met een doeltreffend vaarsysteem uit te rusten. Daardoor kan de MK 666 zich niet zelfstandig over watergebieden verplaatsen.

Vliegtuig FB 207 "Stealth"

Aanvankelijk als een multifunctioneel jachtvliegtuig (Model F205) ontworpen, werd het vliegtuig naderhand tot jachtbommenwerper omgevormd door het inbouwen van de nieuwe "Stealth technologie" ; wat het vliegtuig volledig onzichtbaar voor de radar maakt, tenminste indien het zich in direkt contact met het doel bevindt.
Naast deze eigenschap heeft de FB 207 een neurogevoelig stuursysteem. Een bijzondere helm helpt de piloten om hun vliegtuig met eigen zenuwimpulsen te besturen. Dat zorgt voor zo'n snelle reacties dat geen enkel ander automatisch systeem er kan aan tippen. Het systeem vraagt een buitenmenselijke zelfcontrole van de piloten want het gelijktijdig verwerken van zovele zenuwimpulsen kan namelijk een foutieve besturing van het gezamelijk systeem veroorzaken met fatale gevolgen voor het vliegtuig en de bemanning.

Duikboot " Nautilus 2000"

De duikboot "Nautilus 2000" is tot nu toe het grootst geplande militair vaartuig. Het is immers in staat om een volledige oude standaard scheepsvloot in zijn eentje te verplaatsen.
Sinds de "Nautilus 2000" effectief in gebruik werd genomen, zijn alle andere scheepseenheden stelselmatig afgebouwd geworden. Een bijzonder hydromimetisch systeem zorgt ervoor dat dit vaartuig practisch onzichtbaar is zolang het onder water blijft. Het ruim van de duikboot is zo groot, dat het mogelijk is om meerdere pantser MK 666 "Hell" van ÈÈn gebied naar een ander gebied te transporteren. Daar het met talrijke raketlanceerplatformen is uitgerust kan het ook doeltreffend ingezet worden tegen vijandelijke gebieden.


CONQUEST

Vb. van een uitvoeringsfase:

In het volgend vb. wordt de uitvoeringsfase van de "rode" speler voorgesteld. Om het spelverloop beter te begrijpen is het raadzaam de strijdkrachten zoals het vb. op het speelbord te plaatsen en de bewegingen zoals beschreven uit te voeren.

Verplaatsing.

De uitvoeringsfase van de "rode" speler begint met een overvloed aan verplaatsingen, die invloed hebben op al de strijdkrachten die zich op het speelbord bevinden.

 

  1. De rode speler beslist om het gebied Montreal binnen te vallen. Daarvoor gebruikt hij de luchtmachttroep uit Chicago en 2 landmachttroepen uit de gebieden Coppermine en Victoria. Deze landmachttroepen worden immers door de eigen zeemacht, in de Noord Atlantische Zee gelegerd, getransporteerd.
  2. De rode speler beslist eveneens om het gebied Los Angeles binnen te vallen met de 2 landmachttroepen uit de aanpalende gebieden Anchorage en Chicago.
  3. Als laatste dringt hij ook het gebied van Mexico City binnen, eveneens met een landmachttroep uit Chicago en een luchtmachttroep uit Coppermine.

Strijd.

Op het einde van de verplaatsingen moet de rode speler op elk bezet gebied strijd leveren. (Montreal, Los Angeles en Mexico City)
Hij mag kiezen in welke volgorde hij dit doet, maar hij kan zich niet van de strijd onttrekken of de strijd weigeren.

De rode speler heeft de volgende kaarten:


De zwarte speler heeft:

Montreal.

De rode speler beslist om de strijd in Montreal aan te vatten. Hij heeft een voordeel ten opzichte van de zwarte speler daar hij als enige een luchtmachttroep bezit en dus als eerste mag dobbelen.
Hij gooit met 4 dobbelstenen (1 voor de luchtmacht, 2 voor de landmachttroepen en 1 voor de in de Noord Atlantische Zee opgestelde duikboot). Hij gooit 2 explosies. Daarmee kan hij de 2 landmachttroepen van de zwarte speler verwijderen. Aansluitend is de zwarte speler aan beurt. VÛÛr het gooien gebruikt hij één van zijn "verraad" kaarten. Dan gooit hij met 3 dobbelstenen (1 voor de luchtmachttroep en 2 voor de landmachttroepen van de rode speler; de zeemacht is immers immum voor de uitwerking van de "verraad" en " geheim wapen" kaarten).
Hij gooit 1 explosie. Hij beslist om de luchtmachttroep van de rode speler te vernietigen en door een eigen luchtmachttroep te vervangen. Vervolgens voert de zwarte speler zijn normale worp uit (de 2de verraad kaart kan hij niet meer gebruiken).
Hij neemt daarvoor 3 dobbelstenen ( 2 voor de vlag en 1 voor de luchtmacht die bij het verraad is gewisseld). Hierbij moet je weten dat de zeemacht van de zwarte speler in de Noord Atlantische Zee niet mee kan verdedigen. Hij gooit de 3 stenen en werpt 2 explosies. Daarmee schakelt hij de beide landmachttroepen van de rode speler uit. De strijd eindigt daar de rode speler geen land of luchtmachttroepen op het strijdtoneel bezit. De zeemacht kan immers niet alleen verder strijden.

Mexico City

Is het tweede strijdtoneel waar de rode speler opnieuw als eerste mag dobbelen daar hij de meerderheid aan luchtmachttroepn heeft (10). VÛÛr hij gooit speelt hij de kaart "geheim wapen" uit. Aansluitend gooit hij met 3 dobbelstenen (gelijk aan de 3 landmachttroepen van de zwarte speler; de kaarten "geheim wapen" en " verraad" hebben geen invloed op de vlag) en werpt 2 explosies. Daarmee kan hij 2 landmachttroepen van zijn tegenstander vernietigen. Vervolgens voert hij zijn normale worp uit met 2 dobbelstenen (1 voor land en 1 voor luchtmachttroep) en bekomt 2 explosies. Dit betekent dat hij zowel de laatste landmachttroep als de vlag van de zwarte speler kan vernietigen. Daardoor heeft hij het gebied veroverd zonder zijn tegenstander de kans op een tegenaanval te laten. De rode speler plaatst een eigen vlag op het veroverde gebied en gaat met de laatste veldslag verder.

Los Angeles.

Bij de laatste strijd hebben beide spelers een gelijk aantal luchtmachttroepen (nml. 00). De verdediger van het gebied mag dus als eerste gooien. Het gebied van de verdediger kan ook zonder strijdmacht verdedigd worden. De zwarte speler gooit met 2 dobbelstenen (enkel voor de vlag) en werpt 2 explosies. Daardoor kan hij 2 landmachttroepen van zijn tegenstander vernietigen. De strijd eindigt zonder dat de rode speler de gelegenheid had te werpen. Daar het om de laatste strijd ging eindigt hierbij ook zijn uitvoeringsfase.


CONQUEST

KAART

WANNEER WORDT DE KAART UITGESPEELD

HOE WORDT DE KAART UITGESPEELD

INVLOED OP HET SPEL

KILLERTORPEDO

Tijdens de uitvoeringsfase, vooraleer de speler de strijd op het land heeft gevoerd. Daarvoor moet hij minstens ÈÈn zeemachttroep op het speelbord bezitten. De speler kan meer dan ÈÈn kaart per beurt uitspelen.

De speler die deze kaart uitspeelt telt alle zeemachttroepen op het speelbord samen, waar ze zich ook bevinden, en gooit met hetzelfde aantal aan dobbelstenen. Deze kaart wordt nadien terug onder de stapel weggelegd.

Voor elk geworpen "explosie" wordt een zeemachttroep van een of meerdere tegenstanders vernietigd. Men kan een willekeurige zeemachttroep vernietigen, onafhankelijk van het zeegebied waar het zich bevindt.

BALISTISCHE RAKETTEN

Tijdens de produktiefase van een tegenstander, vooraleer hij zijn nieuwe strijdkrachten uitgebouwd heeft.Deze kaart kan door meerdere spelers tegen eenzelfde tegenstander uitgespeeld worden.

De speler gooit een gelijk aantal dobbelstenen dat overeenkomt met het aantal gebieden van een tegenstander.

De speler, waartegen de kaart uitgespeeld wordt, verliest in deze ronde eenzelfde aantal PP als het aantal geworpen explosies.

SPACESCHILD

Wanneer er een "Balistische raketten" kaart gespeeld wordt. Men kan ook meerdere kaarten gebruiken.

Deze kaart moet gespeeld worden vooraleer de tegenstander die de "Balistische raketten" kaart gegooid heeft, gedobbeld heeft. Nadien wordt ze terug onder de stapel gelegd.

De kaart "Balistische raketten" wordt geneutraliseerd en onder de stapel teruggelegd. Elke kaart "Spaceschild" neutraliseert slechts een enkele "Balistische raketten" kaart.

SUPERPRODUKTIE

Tijdens de produktiefase. Men mag meerdere kaarten in een produktiefase uitspelen.

De speler gooit evenveel dobbelstenen als het aantal gebieden dat hij in bezit heeft. Nadien legt hij de kaart onder de stapel.

Voor elk geworpen explosie, heeft de speler voor deze ronde een bijkomende PP om zijn strijdkrachten uit te bouwen.

WAPENSTILSTAND

Tijdens de uitvoeringsfase VUUR of nadat een gezamelijke strijd werd gevoerd.

De speler legt de kaart ongedekt voor een tegenstander neer, waardoor deze de wapenstilstand opgelegd krijgt, en plaatst daarop ÈÈn van zijn eigen van het speelbord weggenomen strijdkrachten.

Wanneer er tussen 2 spelers een wapenstilstand heerst, kan er geen stijd gevoerd worden en ook geen "Balistische raketten" kaart uitgespeeld worden. De wapenstilstand geldt tot het einde van de eerste uitvoeringsfase van de speler die de wapenstilstand opgelegd kreeg. Vervolgens wordt de kaart terug onder de stapel gelegd, terwijl de strijdmacht naar de bezitter terugkeert zonder dat die op de oorspronkelijke positie wordt teruggeplaatst.

GEHEIM WAPEN

Gedurende een strijd zowel bij de aanvang als bij de verdediging maar vooraleer de speler dobbelt. Bij iedere worp kan een speler zo'n kaart gebruiken. Deze kaart kan niet gelijktijdig met een "verraad" kaart uitgespeeld worden.

De speler telt alle vijandelijke land en luchtmachttroepen, die op het strijdtoneel staan, samen en gooit met een gelijk aantal dobbelstenen. De kaart wordt nadien terug onder de stapel gelegd.

Voor elke explosie kan de speler een strijdmacht van de tegenstander vernietigen. Nadien gooit men nogmaals maar dan volgens de geldende gevechtsregels.

VERRAAD

Gedurende een strijd zowel bij de aanval als bij de verdediging maar vooraleer de speler dobbelt. Bij iedere worp kan een speler zo'n kaart gebruiken. Deze kaart kan niet gelijktijdig met een "geheim wapen" kaart uitgespeeld worden.

De speler telt alle vijandelijke land en luchtmachttroepen, die op het strijdtoneel staan, samen en gooit met een gelijk aantal dobbelstenen. De kaart wordt nadien terug onder de stapel gelegd.

Voor elke explosie kan de speler een op het strijdtoneel bevindende lucht of landmachttroep van een tegenstander uitschakelen en deze wanneer mogelijk door een eigen identieke strijdmacht, die zich nog niet op het speelbord bevindt, vervangen . Nadien gooit men nogmaals maar dan volgens de normale regels van het gevecht.

Date Last Modified: 06-03-1998
© Deze pagina is onderdeel van de vzw Vlaams Spellenarchief