Auteur: onbekend
Uitgegeven door EG Spiele, 1995
Een taktisch oorlogsspel voor 2 tot 4 spelers vanaf 14 jaar.
![]()
Informatie vermeld op de SPELDOOS
Nadat Europa zijn diepgewortelde angst voor het jaar 1.000
overwonnen had, beleeft dit continent een van zijn meest bewogen
episodes uit de Middeleeuwen.
De heersende dynastieÎn bekampen elkaar voortdurend, waardoor
er steeds grotere en schier oninneembare bolwerken worden opgericht
als bevestiging van hun overheersing. Anderzijds bundelen
architecten, astronomen, theologen en eenvoudige steenhouwers hun
kennis en bouwen zij imposante kathedralen als symbool van een
tijdloze macht. Hierbij creÎren zij architecturale hoogstandjes
waarbij spitse en sierlijke torens tot aan de hemel reiken.
In Anno Domini worden de heldhaftige veldslagen uit die tijd terug tot leven geroepen. Weerom worden er burchten gebouwd en breiden rijkdommen zich uit. Het wapengekletter is overal hoorbaar en de veldslagen worden gevoerd met de hulp van raadgevers, soldaten, tollenaars, geleerden en allerlei lui die behoren tot de hofhouding van de heersers.
Anno Domini is een strategisch veroveringsspel dat zich afspeelt in de 11de eeuw!
Voorwoord
Anno Domini is een strategisch veroveringsspel dat zich afspeelt
tijdens de Middeleeuwen.
Door aandachtig en stapsgewijze de spelregels door te nemen, waarbij
men nauwgezet de voorbeelden volgt, zal men het best het spel
aanleren.
Daarna probeert men enige ronden te spelen. Wanneer er twijfels
mochten ontstaan, vnl. bij het begin van het spel, dan kan men het
best de regels nog eens nalezen. Wanneer de meeste vragen van de
spelers zich voornamelijk situeren rond ingewikkelde spelregels zoals
de militaire fase dan hoeft men enkel die spelregels opnieuw te
raadplegen.
Het doel van het spel bestaat erin om als eerste in het bezit te komen van 8 kathedralen.
Het speelbord is een weergave van Europa ten tijde van de Middeleeuwen. Dit continent is onderverdeeld in 36 gebieden, elk gekenmerkt door een tweevoudige getallencode (een rood en een blauw getal). Deze code is enkel van belang bij bepaalde spelomstandigheden, nl. wanneer er een gebied moet worden aangeduid. Dit gebeurt dan door de worp van een blauwe en een rode dobbelsteen. Bijvoorbeeld: rode 1 - blauwe 3 is de code van Engeland.
Op het speelbord zijn er ook 7 zeeÎn aangegeven, nl. de Noordzee, de Oostzee, de Atlantische Oceaan, het westelijke gedeelte van de Middellandse Zee, het middelste gedeelte van de Middellandse Zee, het oostelijke gedeelte van de Middellandse Zee en de Zwarte Zee.
Daarnaast vindt men op het speelbord ook de Tabel met de toevallige gebeurtenissen<terug. Het gebruik van deze tabel wordt verderop in de spelregels verklaard.
Men neemt de 16 kathedralen en de 12 dobbelstenen en plaatst deze
binnen handbereik naast het speelbord. De overige kathedralen zijn
reserves en worden gedurende het spel niet gebruikt.
De muntstukken worden losgemaakt en naast het speelbord gelegd. Deze
munten vormen de bank. Het is aangeraden om een speler aan te duiden
als bankier. Dit ambt levert geen voordeel of nadeel op.
De speelkaarten worden één per één
open onder de spelers verdeeld. Deze verdeling gaat verder totdat de
kaart met de Paus gedraaid wordt. Deze kaart wordt open neergelegd
voor de betrokken speler. Vervolgens worden al de andere kaarten
geschud en verdekt weggelegd naast het speelbord.
De Paus (= de benaming voor de speler die de Pauskaart bekwam) kiest
80 burchten van eenzelfde kleur. Vervolgens nemen de andere spelers
(in uurwijzerszin) eveneens 80 burchten van een bepaalde kleur. De
overblijvende burchten zijn reserveonderdelen die apart worden
weggelegd.
Als eerste zal de Paus zich een gebied toekennen door het gooien van
een rode en een blauwe dobbelsteen. Hij zal dit gebied claimen door
het plaatsen van een kathedraal en een eigen burcht. Daarna eigenen
de andere spelers zich om beurt een gebied toe. Wanneer een gebied
reeds werd toegekend, dan mag deze speler een vrij gebied naar keuze
aanduiden, zonder dat hij hiervoor nogmaals moet dobbelen. Dit gaat
zo verder totdat alle gebieden bezet zijn. Nadat alle kathedralen in
het spel werden gebracht, worden de gebieden enkel geclaimd d.m.v.
een burcht. Eens alle gebieden werden toegewezen, kan het eigenlijke
spel beginnen.
het spel verloopt in twee fases die elkaar opvolgen en zich steeds herhalen tot uiteindelijk één speler het einddoel bereikt, nl. 8 kathedralen in zijn bezit hebben.
De twee spelfases zijn:
In deze fase innen alle spelers terzelfdertijd de cijnzen voor elk
gebied dat zij besturen. Iedereen kan aan de hand van de volgende
formule zijn eigen belastingopbrengst berekenen: aantal kathedralen
in eigen bezit x aantal gebieden in eigen bezit x 10.
In de eerste ronde bezit elke speler 4 kathedralen en 9 gebieden die
hem een opbrengst van 360 gulden opleveren (4x9x10=360). De
belastingsfase eindigt wanneer elke speler zijn geld van de bank
heeft ontvangen.
In tegenstelling tot de belastingsfase komen in deze fase alle
spelers na elkaar aan de beurt. Als beginspeler van deze fase start
de speler die links van de Paus zit. Alle acties van deze fase zijn
facultatief, m.a.w. iedereen is vrij om één, twee of
alle acties al dan niet uit te voeren.
Spelers die tijdens de militaire fase aan beurt komen kunnen de
volgende acties uitvoeren:
De speler die deze tabel wenst te raadplegen, gooit hiervoor met twee dobbelstenen. De som van de worp bepaalt dan welke gebeurtenis er wordt uitgevoerd, overeenkomstig de aanwijzingen van de tabel op het speelbord.
De vestingen kunnen tegen de prijs van 100 gulden worden gebouwd. De speler neemt dan de aangekochte burchten uit zijn voorraad en plaatst ze volgens zijn keuze op zijn gebieden. Hierbij moet men wel rekening houden met de volgende spelregel, nl. dat er op elk gebied maar maximaal 6 burchten mogen gebouwd worden. De aankoop en de simultane bouw van de vestingen mag tijdens de militaire fase zowel voor als na de aanval op een vijandig gebied gebeuren. De aankoopsom moet echter steeds direct aan de bank betaald worden.
Elke speler kan tijdens de militaire fase een gebied van een tegenstander aanvallen om er de aanwezige burchten te verwoesten en om op deze wijze dit gebied te veroveren. Hierbij moet men wel een aantal regels respecteren.
Bijvoorbeeld
Vanuit een eigen gebied kan een speler een aangrenzend of een
gebied grenzend aan dezelfde zee aanvallen. Zo kan men vanuit
Engeland, Wales of Schotland evenals Vlaanderen, Normandië of
Ierland aanvallen (alsook alle aan de Noordzee grenzende
gebieden).
Iedere aanval vindt op de volgende wijze plaats. De speler, die wenst aan te vallen, verklaart vanuit welk gebied hij het offensief inzet. Hij neemt hierbij evenveel dobbelstenen als er burchten staan op zijn uitvalsbasis. Vervolgens kondigt hij aan welk gebied hij wenst binnen te vallen en telt hij zijn aanvalspunten tezamen (zie aanvals- en verdedigingspunten). De verdediger neemt op zijn beurt evenveel dobbelstenen als er vestingen staan op het gebied dat wordt aangevallen. Ook hij telt zijn verdedigingspunten tezamen (zie aanvals- en verdedigingspunten). De beide spelers gooien gelijktijdig de dobbelstenen. Daarna tellen zij elk de ogen van hun worp op, tezamen met hun aanvals- of verdegingspunten. Voor elk resultaat met een totaal van 6 of meer, vernietigt zowel de aanvaller als de verdediger een burcht van zijn tegenstander.
Aanvals- en verdedigingspunten worden bekomen door speciale kaarten. Bovendien beschikt de verdediger over een bijkomend verdedigingspunt wanneer het aangevallen gebied over een kathedraal beschikt.
Bijvoorbeeld
De speler die aan de beurt is, beslist om Vlaanderen (voorzien van
3 burchten en een kathedraal) aan te vallen vanuit Engeland
(voorzien van 4 burchten en een kathedraal). De aanvaller is in
het bezit van een kaart met een tempelridder (die hem twee
aanvalspunten oplevert wanneer hij een gebied voorzien van een
kathedraal aanvalt), terwijl de verdediger beschikt over een kaart
met een relikwie (die hem één verdedigingspunt
oplevert wanneer een gebied met een kathedraal wordt aangevallen).
Om deze reden beschikt de aanvaller dus over twee aanvalspunten
(afkomstig van zijn speciale kaart) en zijn tegenstander over twee
verdedigingspunten (één afkomstig van een speciale
kaart en één afkomstig van de kathedraal zelf).
De beide spelers dobbelen en bekomen het volgende resultaat: de
aanvaller gooit met vier dobbelstenen 6, 5, 4 en 3 terwijl de
verdediger met drie dobbelstenen 6, 4 en 2 bekomt. Als resultaat
bekomt de aanvaller de volgende resultaten: 6+2=8, 5+2=7, 4+2=6 en
3+2=5. De verdediger heeft de volgende resultaten: 6+2=8, 4+2=6 en
2+2=4.
Dit heeft als gevolg dat de aanvaller 3 worpen heeft met een
resultaat van meer dan 6, waardoor hij drie burchten van zijn
tegenstander vernietigt. De verdediger verwoest dan op zijn beurt
twee bolwerken van de agressor. De vernietigde vestingen worden
van het speelbord verwijderd en in de voorraad van elke speler
geplaatst.
Wanneer alle burchten van een aangevallen gebied vernietigd werden (zoals in het voorbeeld), mag de aanvaller kosteloos dit gebied claimen door er een vestiging van zijn eigen kleur te plaatsen.
OPGELET: Kathedralen kunnen niet vernietigd worden tijdens de verovering van een gebied. Een kathedraal behoort m.a.w. toe aan de speler die dit gebied bezet houdt.
Beperkingen
Wanneer een speler erin slaagt om tijdens de militaire fase
minstens één gebied te veroveren, dan moet hij een
kaart van de stapel nemen. De aanwijzingen van deze kaart moet hij
direct opvolgen. Bepaalde kaarten brengen geld op, andere leveren
aanvals- of verdedigingspunten op terwijl nog andere de mogelijkheid
geven om bijzondere acties uit te voeren.
Kaarten die langdurig voordeel opleveren, moeten door die speler voor
zich worden opengelegd. Dit is noodzakelijk zodat alle spelers deze
kaarten kunnen zien. De andere kaarten worden direct aangewend en
plaatst men vervolgens onderaan de kaartenstapel. Ongeacht het aantal
veroverde gebieden mag elke speler slechts één kaart
van de stapel nemen.
Als gevolg van toevallige gebeurtenissen kan het voorkomen dat een gebied zonder burcht komt te staan. In dat geval spreekt men over een vrij gebied. De speler die aan de beurt is, kan dan deze vrije gebieden innemen door er één of meerdere burchten op te bouwen. Per burcht moet hij wel telkens 100 gulden betalen aan de bank.
Nadat elke speler aan bod kwam tijdens de militaire fase wordt er terug overgaan naar de belastingsfase. Vervolgens volgt er opnieuw een militaire fase enz. Wel dient men erop te letten dat tijdens de militaire fase elke speler op zijn beurt aan bod komt, terwijl de belastingsfase simultaan gebeurt voor alle spelers.
Voor een speler eindigt het spel wanneer hij zijn laatste gebied op het speelbord verliest. Al het geld dat hij in zijn bezit heeft overhandigt hij aan de speler die zijn laatste gebied veroverde. Zijn kaarten worden echter onderaan de stapel gelegd. Geen enkele speler kan voor de vierde ronde uit het spel verdwijnen.
Het aantal burchten die een speler in het spel kan brengen bedraagt maximaal 80 stuks. Wanneer een vestiging vernietigd wordt, plaatst men deze terug in de voorraad van de speler. Op deze wijze kan zij nadien terug in het spel komen.
![]()
Wanneer men wenst dat het spel langer duurt, dan kan men het vereiste aantal kathedralen verhogen. Dit aantal moet dan gezamenlijk en bij het begin van het spel bepaald worden. Ten einde de tijdsgeest realistischer te benaderen kan men stellen dat alle gebieden die toebehoren aan de Paus automatisch behoren tot de Kerkstaat.
|
WORP |
BENAMING |
EFFECT |
|
2 |
De pest |
Op een door de dobbelstenen aangeduid gebied breekt een epidemie uit. Alle burchten op dit gebied worden verwoest. |
|
3 |
Barbaren |
Loot drie verschillende gebieden uit en verwijder er telkens één vestiging. |
|
4 |
Keizerscrisis |
De speler die aan de beurt is, moet één van zijn kaarten afleggen. De Pauskaart mag hierbij nooit worden afgelegd. |
|
5 |
Bijdrage |
De Paus ontvangt van elke speler een bijdrage. Iedereen moet aan de Paus 10 gulden per kathedraal (in zijn bezit) betalen. |
|
6 |
Belastingen |
Incasseer 20 gulden per gebied dat je beheert. |
|
7 |
Belastingen |
Incasseer 30 gulden per gebied dat je beheert. |
|
8 |
Belastingen |
Incasseer 20 gulden per gebied dat je beheert. |
|
9 |
Kruistochten |
De speler die aan de beurt is, is aan de Paus<50 gulden verschuldigd. |
|
10 |
Het concilie |
De speler die aan beurt is, ontvangt de Pauskaart en wordt hierdoor de nieuwe Paus. |
|
11 |
Kerkelijke scheuring |
De Paus is aan elke speler 10 gulden per Kathedraal (in het bezit van deze speler) verschuldigd. |
|
12 |
De goudmijn |
Er wordt op één van je gebieden een nieuwe goudmijn ontdekt. De speler ontvangt 500 gulden. |
![]()
Date Last Modified: 06-03-1998
© Deze pagina is onderdeel van de vzw Vlaams
Spellenarchief